RVU – CAO 2025 -2027
De Regeling Vervroegd Uittreden (RVU) biedt politiemedewerkers de mogelijkheid om tot drie jaar vóór hun AOW-leeftijd te stoppen met werken, met een financiële tegemoetkoming om deze periode te overbruggen. Deze regeling blijft ook in het nieuwe arbeidsvoorwaardenakkoord behouden, zodat medewerkers hun loopbaan op een gezonde en verantwoorde manier kunnen afronden.
Regeling Vervroegd Uittreden
In het nieuwe arbeidsvoorwaardenakkoord voor de politie is opnieuw bevestigd dat de Regeling Vervroegd Uittreden (RVU) beschikbaar blijft voor politiemedewerkers die eerder willen stoppen met werken.
De RVU biedt medewerkers de mogelijkheid om tot drie jaar voor hun AOW-leeftijd uit te treden, met een maandelijkse financiële tegemoetkoming. Deze tegemoetkoming is bedoeld om de periode tot het AOW-pensioen te overbruggen. De regeling geldt onder de bestaande voorwaarden en blijft een belangrijk instrument om medewerkers die jarenlang in fysiek en mentaal veeleisende functies hebben gewerkt, de kans te geven om op een gezonde manier de dienst te verlaten.
De ACP heeft zich er sterk voor gemaakt dat de RVU in stand blijft en toegankelijk blijft voor politiemedewerkers die aan de voorwaarden voldoen. Meer informatie over de precieze voorwaarden, aanvraagprocedure en hoogte van de uitkering is te vinden via het interne politieportaal of via ACP-advies.
Naast de verlenging van de RVU zijn in het akkoord ook andere afspraken gemaakt, zoals:
-
Een verhoging van het IKB-netto naar €500,-;
-
Twee eenmalige uitkeringen van €1.100,- bruto in december 2025 en september 2026.
Deze afspraken versterken samen de waardering voor het werk van politiemedewerkers én bieden meer ruimte om keuzes te maken richting het einde van de loopbaan.
Bekijk hier de Cao-paginaRVU – afspraken
We begrijpen dat er bij collega’s veel vragen leven over het onderhandelingsresultaat en de afspraken die zijn gemaakt over de RVU. Het is dan goed om te weten dat we als sector politie rekening moeten houden met het landelijk akkoord dat het kabinet afgelopen najaar met de werkgevers en de vakcentrales over de RVU heeft gesloten.
Onderdeel van dit akkoord is de afspraak om de doelgroep van de RVU scherp af te bakenen: volgens het landelijk akkoord geldt de RVU voortaan alleen nog voor werknemers die zwaar werk hebben dat niet vol te houden is tot de AOW-leeftijd en die ook geen mogelijkheid hebben om ander, minder zwaar werk op te pakken. De RVU is dus bedoeld als een vangnetregeling voor situaties waarin het echt niet meer gaat. De afspraken die we in de cao maken, moeten aan deze voorwaarden voldoen.
Als dat niet het geval is, krijgen we van het kabinet geen toestemming om deze cao te sluiten. En dat betekent in het ergste geval dat er helemaal geen RVU komt voor de geboortejaren 1962 en verder. We zijn dus verplicht om strengere criteria af te spreken, maar hebben bij het kabinet wel extra ruimte kunnen bedingen ten opzichte van het landelijk akkoord. Zo hoef je niet meer op een functie in het domein uitvoering werkzaam te zijn op het moment dat je met RVU gaat. We moeten nog wel de toets van TNO afwachten.
We begrijpen uiteraard dat de collega’s die niet aan de striktere voorwaarden voldoen teleurgesteld zijn. Voor deze collega’s, bijvoorbeeld leidinggevenden of medewerkers in de ondersteuning, geldt overigens dat zij wel in aanmerking kunnen komen voor de RVU als zij op op basis van een vorige functie wel voldoen aan het gevraagde aantal jaren in het domein uitvoering en het aantal politiedienstjaren. Maar de kern van de zaak is dat we als sector politie afhankelijk zijn van het kabinetsbeleid en de afspraken die eerder op de landelijke tafels over de RVU zijn gemaakt. We hebben verder geen ruimte om daarvan af te wijken.
Veel gestelde vragen RVU
De voorwaarden om in aanmerking te komen voor de RVU is voor politiemedewerkers met geboortejaar 1962 hetzelfde als voor de politiemedewerkers met geboortejaar 1961. Je moet 35 politiejaren hebben, waarvan 25 zware jaren. Dit hoeft niet aaneengesloten te zijn. Voor de 35 politiejaren tellen ook de jaren mee, die zijn doorgebracht als algemeen of buitengewoon opsporingsambtenaar bij de Marechaussee, FIOD en Douane en de jaren bij de spoorwegpolitie voor degenen die zijn overgekomen in 2000.
Voor de 25 zware jaren zijn de jaren doorgebracht in een functie in het domein uitvoering, of een logische voorloper daarvan, en de jaren met een executieve status.
Het maandbedrag van € 2.273 is vrijgesteld van de RVU-heffing en geldt voor een periode van twee jaar. Dit bedrag mag in drie jaar verspreid worden uitbetaald en het wordt jaarlijks geïndexeerd.
Voor politiemedewerkers geboren in 1963, 1964 en het eerste kwartaal van 1965 worden de voorwaarden aangescherpt om te kunnen voldoen aan de eisen van het landelijk akkoord gezond naar het pensioen van 2024 en daarmee een fiscaal vrijgestelde RVU te kunnen behouden.
1963:
Om in aanmerking te komen voor de RVU, moet je 35 politiejaren hebben, waarvan 27 zware jaren. Deze jaren mogen onderbroken zijn. Voor de 27 zware jaren tellen alleen de jaren mee die zijn doorgebracht in een functie die valt onder het domein uitvoering van het LFNP of een logische voorloper daarvan. Het hebben van een executieve status terwijl er een functie wordt uitgeoefend in het domein leiding of ondersteuning, telt niet langer mee voor de zware jaren in het kader van de RVU. De reden hiervan is dat op grond van het landelijk akkoord een RVU alleen terecht mag komen bij zwaar werk. Het werk is daarbij bepalend en niet de status.
De 27 zware jaren moeten binnen de periode van 35 jaar voorafgaande aan de RVU liggen. Als je langer dan 8 jaar voorafgaande aan de RVU niet meer werkzaam was in een functie in het domein uitvoering, dan kom je niet in aanmerking voor de RVU.
Voor de zij-instromers geld dat vanaf 1963 ook de jaren meetellen die in een functie in een andere sector zijn doorgebracht waarvoor een RVU geldt die door TNO-akkoord is getoetst. Wel moet de zij-instromer ook minimaal 25 jaren bij de politie hebben gewerkt. De jaren die zijn doorgebracht bij de spoorwegpolitie tellen ook mee van de medewerkers die eerder dan 2000 zijn overgekomen naar de politie.
De bijdrage is maximaal het fiscaal vrijgestelde bedrag voor een periode van twee jaar en dit bedrag mag gespreid worden over drie jaar.
1964:
Voor 1964 geldt een verdere aanscherping van 35 politiejaren waarvan 28 zware jaren om in aanmerking te komen voor de RVU. Deze 28 zware jaren moeten binnen de periode van 35 jaar voorafgaande aan de RVU liggen. Ben je langer dan 7 jaar voorafgaande aan de RVU niet meer werkzaam in een functie in het domein uitvoering dan kom je niet in aanmerking voor de RVU. De andere voorwaarden zijn zoals beschreven voor 1963.
Eerste kwartaal 1965:
Voor de politiemedewerkers geboren in het eerste kwartaal van 1965 geldt een nog verdere aanscherping van 35 politiejaren waarvan 30 zware jaren om in aanmerking te komen voor de RVU. Deze 30 zware jaren moeten binnen de periode van 35 jaar voorafgaande aan de RVU liggen. Ben je langer dan 5 jaar voorafgaande aan de RVU niet meer werkzaam in een functie in het domein uitvoering dan kom je niet in aanmerking voor de RVU. De andere voorwaarden zijn zoals beschreven voor 1963.

Nee, deze uitkeringen zijn uitsluitend bedoeld voor collega’s die in deze maanden in dienst zijn van het korps. Vanaf het moment dat je RVU in gaat, ben je officieel met ontslag en heb je als voormalig ambtenaar geen aanspraak meer op deze extra beloning.
Vanaf geboortejaar 1963 wordt het vereiste aantal zware jaren opgehoogd. Voor politiemedewerkers geboren in het eerste kwartaal van 1965 geldt dat ze uiteindelijk 30 zware jaren moeten hebben, in plaats van de huidge 25. Daarnaast tellen vanaf dat moment alleen de zware jaren die je hebt gewerkt in functies binnen het LFNP-domein uitvoering of een logische voorloper daarvan (voor 2012). Het hebben van een executieve status op zich is niet meer voldoende voor het meetellen als zware jaren.
Ook moeten de zware jaren niet te lang voor je RVU liggen. Je moet dus nog ‘redelijk recent’ zwaar werk hebben gehad en niet bijvoorbeeld de laatste 15 jaar van je loopbaan in de ondersteuning gewerkt hebben. Er wordt gekeken naar de laatste 35 jaar van je loopbaan en daarbinnen wordt gekeken naar het zware werk. Zo moet voor 1963 dat zware werk binnen 8 jaar voorafgaande aan RVU vallen, voor 1964 is dat binnen 7 jaar en voor het eerste kwartaal van 1965 geldt dat dit uiterlijk binnen 5 jaar voor RVU moet liggen.
Deze aanscherpingen zijn afgesproken om binnen de kaders van het landelijk akkoord uit 2024 te blijven. Het uitgangspunt van dit akkoord is dat de RVU alleen fiscaal vriendelijk kan worden afgesproken voor zwaar werk en dat duurzame inzetbaarheid het doel is zodat medewerkers gezond het pensioen kunnen bereiken. Voor zwaar werk moet dan gekeken worden naar de werkzaamheden. Een executieve status is niet voldoende om als zwaar werk te kunnen gelden. Dat deze nog wel meetelde als zware jaren voor de huidige tijdelijke RVU had te maken met de oude vroegpensioenafspraken uit 2006 waarbij TBF-rechten waren verbonden aan de executieve status en als slijtend aangemerkte functies. Omdat het landelijk akkoord een gerichte duiding van zware functies vereist wordt voor de nieuwe RVU aangesloten bij het werk in domein uitvoering wat zich onder andere kenmerkt door onvermijdelijk verzwarende werkzaamheden en frequente onregelmatige werktijden.
De reden voor deze aanscherping is dat het landelijke akkoord duurzame inzetbaarheid vooropstelt. De duurzame inzetbaarheid en het resultaat van de alle maatregelen die dat positief beïnvloedden moeten voorrang hebben boven een RVU. Eerder minder slijtend werk vervullen is een vorm van duurzame inzetbaarheid waardoor het werk langer is vol te houden. De korpschef kan, op basis van de hardheidsclausule, in schrijnende gevallen afwijken van de RVU-voorwaarden met betrekking tot het aantal politiedienstjaren en/of zware politiedienstjaren, als dit in bepaalde gevallen leidt tot onbedoelde gevolgen.
De RVU-afspraken in het onderhandelaarsresultaat gelden vanaf geboortejaar 1962, maar de afspraken verschillen per geboortejaar. Het is niet zo dat verbeteringen, zoals de permanente RVU-vrijstelling en de verbeterde afspraken voor zij-instromers vanaf geboortejaar 1963, ook gelden voor politiemedewerkers van een eerder geboortejaar die daardoor alsnog aanspraak op RVU kunnen maken. De veranderingen gaan in per geboortejaar, zowel de aanscherpingen als de verbetering.
Vanwege de financiële omvang van de RVU kan het Kabinet geen permanente financiële dekking bieden. Daarom moet deze regeling periodiek opnieuw worden bekeken en uitonderhandeld in de CAO.
Mede om deze reden is in het onderhandelaarsakkoord afgesproken om tijdens de looptijd van het akkoord te onderzoeken in hoeverre de LFU (Levensloopregeling) in relatie tot andere mogelijkheden kan bijdragen om gezond de eindstreep te halen.
Als je geboren bent in 1962 en minimaal 35 politiejaren hebt gewerkt, kom je in aanmerking voor de RVU.
Ben je geboren in 1963, dan hangt het af van hoeveel jaar je in een functie in het domein uitvoering hebt gewerkt vanaf de RVU-datum. Als je minder dan 27 jaar in de uitvoering hebt gewerkt, heb je geen recht op de RVU. Als je 27 jaar of meer hebt gewerkt, wel.
Als je geboren bent in 1964 geldt dat als je minder dan 28 jaar in het domein uitvoering hebt gewerkt vóór de RVU, je geen aanspraak kunt maken op de regeling.
Voor wie in het eerste kwartaal van 1965 is geboren, geldt dat je 30 jaar of meer in het domein uitvoering moet hebben gewerkt om in aanmerking te komen voor de RVU.
Als je geboren bent in 1963, moet je in de 35 jaar voorafgaand aan de RVU minimaal 27 zware jaren hebben gewerkt in een functie binnen het domein uitvoering. In dit voorbeeld heeft de collega 30 zware jaren gewerkt, maar door een onderbreking van 10 jaar in het domein ondersteuning komt het totaal aantal zware jaren voorafgaand aan de RVU uit op 25. Dit is minder dan het vereiste minimum van 27 jaren, en daarom komt de collega niet in aanmerking voor de RVU.
Voor zij-instromers geldt vanaf 1963 dat jaren uit een zwaar beroep, zoals de bouw, meetellen als zware en politiejaren, mits de functie die werd vervuld in de bouw een door TNO goedgekeurde RVU heeft. De bouw heeft een RVU, die dit jaar door TNO wordt getoetst. Een belangrijke voorwaarde is dat er minimaal 25 jaar bij de politie is gewerkt, wat in dit geval niet het geval is. Hierdoor bestaat er geen aanspraak op de RVU.
Klik op deze link voor meer informatie: https://open.overheid.nl/documenten/0376ee73-d0fe-4647-82a3-1d3701831903/file
De functies in het domein uitvoering, zoals gedefinieerd in het LFNP, vallen onder verschillende vakgebieden. Deze vakgebieden zijn: Beveiliging, Gebiedsgebonden Politie (GGP), Informantenrunner, Intelligence, Interventie, Meldkamer, Observatie, Tactische Opsporing, Forensische Opsporing, Luchtvaart, Intake & Service en Operationeel Specialismen. Ook de logische voorlopers van deze functies tellen mee. De matching naar het LFNP in 2012 wordt hiervoor gebruikt. Je kunt de functies terugvinden in de onderstaande LFNP-matrix.
De dienstplicht telt niet mee voor de zware jaren in het kader van de RVU. Jaren die je in een andere sector hebt doorgebracht, tellen vanaf geboortejaar 1963 mee voor de zware jaren binnen de politiejaren, op voorwaarde dat die sector een door TNO goedgekeurde RVU heeft. Dienstplicht geeft dus geen recht op vervroegde uittreding.
Vanwege de financiële omvang van de RVU kan het Kabinet geen permanente financiële dekking bieden. Daarom moet de regeling periodiek opnieuw bekeken en uitonderhandeld worden in de CAO. Voor medewerkers die na het eerste kwartaal van 1965 zijn geboren is er geen afspraak gemaakt en kan in een volgende CAO opnieuw over de RVU onderhandeld worden. In het onderhandelaarsresultaat is afgesproken om tijdens de looptijd van het akkoord onderzoek te doen naar de LFU (Levensfaseuren) in relatie tot andere mogelijkheden om gezond de eindstreep te halen.
Vanaf geboortejaar 1963 gelden er verbeterde afspraak voor politiemedewerkers die eerst in een andere sector met zwaar werk hebben gewerkt.
Voor de zij-instromers geldt vanaf geboortejaar 1963 dat ook de jaren meetellen die in een functie in een andere sector zijn doorgebracht waarvoor een RVU geldt die door TNO als akkoord is getoetst. Wel moet de zij-instromer ook minimaal 25 jaren bij de politie hebben gewerkt. Ook tellen de jaren mee doorgebracht als algemeen of buitengewoon opsporingsambtenaar bij de spoorwegpolitie van de medewerkers die eerder zijn overgekomen naar de politie dan 2000.
Dit betekent dus dat een militair die is overgestapt naar de politie of een medewerker uit de bouw – onder voorbehoud dat TNO de RVU voor de bouw positief toetst later dit jaar – jaren mee kan laten tellen vanuit deze sector mits er ook 25 jaar bij de politie is gewerkt. Deze 25 jaar vindt de werkgever nodig omdat de politie zelf de RVU financiert en er een substantiële mate van jaren doorgebracht bij de politie moet zijn.
Voor alle duidelijkheid, de politiebonden pleiten al vanaf de introductie van de RVU voor betere afspraken voor zij-instroom en hadden deze afspraak graag eerder in laten gaan dan voor geboortejaar 1963. Voor werkgever was dit geen begaanbare weg. Deze aanpassing is pas mogelijk als ook de rest van de regeling wordt aangepast en dat is vanaf geboortejaar 1963.
De nieuwe afspraken over het meetellen van jaren uit een andere sector voor zij-instromers gaan in vanaf geboortejaar 1963.
Als je in 1962 geboren bent geldt dat je 35 politiejaren moet hebben, waarvan 25 zware jaren binnen de politie. De 35 politiejaren tellen alleen als je jaren hebt gewerkt als algemeen opsporingsambtenaar, zoals bij de Marechaussee, Douane, FIOD of de spoorwegpolitie (overgekomen in 2000).
Als je niet aan deze voorwaarden voldoet kom je niet in aanmerking voor de RVU.
In 2024 hebben politiemedewerkers maandenlang actie gevoerd voor een structurele RVU-regeling, omdat de bestaande regeling voor de politie afliep. Mede door de druk van deze acties is er een RVU afgesproken voor politiemedewerkers geboren in 1961. Daarnaast is er een landelijk akkoord bereikt waarin de mogelijkheid wordt geboden om structurele, fiscaal niet beboete RVU’s af te spreken.
Het uitgangspunt van het Landelijk Akkoord Gezond naar het Pensioen (2024) is dat medewerkers, door het inzetten van duurzame inzetbaarheidsmaatregelen, gezond het pensioen moeten halen. Sectoren moeten hierin investeren. Een RVU kan fiscaal vriendelijk worden ingezet, maar alleen als duurzame inzetbaarheidsmaatregelen te laat komen en de RVU specifiek gericht is op zwaar werk. Alle RVU’s zullen door TNO worden getoetst aan de criteria voor zwaar werk.
Om te voldoen aan de voorwaarden van het landelijk akkoord hebben werkgever en vakbonden de huidige RVU-regeling voor de politie herzien. Daarbij zijn er aanpassingen doorgevoerd zodat de RVU specifieker gericht wordt op zwaar werk. Als voorwaarde geldt vanaf geboortejaar 1963 dat men werkzaam is in een functie in het Domein Uitvoering. Dit betekent dat de formele inhoud van de LFNP-functie bepalend is voor het recht op de RVU. En dus niet langer ook de executieve status en eventueel op basis daarvan naast de functie uitgevoerde uitvoerende werkzaamheden.
Daarom tellen alleen functies in het domein uitvoering van het LFNP mee, waarbij is vastgesteld dat deze functies onder andere onvermijdelijke verzwarende werkomstandigheden en onregelmatige werktijden omvatten.
Gezien het belang van duurzame inzetbaarheidsmaatregelen, heeft het kabinet de eis gesteld dat de RVU alleen nog kan worden ingezet als er kort voorafgaand aan de RVU zwaar werk is verricht. Dit betekent dat er voor collega’s geboren in 1963, er in de 35 jaren voorafgaande aan de RVU minimaal 27 zware jaren moeten zijn gewerkt. Dit aantal loopt op tot 30 zware jaren voor mensen geboren in het eerste kwartaal van 1965.
We bekijken eerst alle collega’s uit 1962, omdat zij als 1e in aanmerking kunnen komen voor de RVU. Iedereen uit 1962 krijgt tijdig een persoonlijk bericht. De jaren 1963, 1964 en het 1e kwartaal van 1965 zal later bekeken worden. Ook die collega’s krijgen persoonlijk bericht.
De planning is dat de tegel voor het aanvragen van de RVU 1962 op 1 januari 2026 wordt opengesteld. Naar verwachting zijn eind oktober 2025 de systemen aangepast zodat medewerkers in Youforce kunnen zien of zij aan de voorwaarden voldoen en vanaf welke datum zij gebruik kunnen maken van de regeling.
Collega’s geboren in 1962 ontvangen dan ook een persoonlijke e-mail met informatie over hun situatie en de vervolgstappen. Daarnaast worden de teksten op intranet geactualiseerd voor de RVU 1962 en de geboortejaren daarna.
